Het verhaal van de puzzel
Harde Beer neemt de puzzel over en hoort Kleine Beer niet echt — en toch vindt hij zijn eigen plekje.

Kleine Beer is helemaal blij: een nieuwe puzzel, met honderd stukjes en een groot bos erop. “Mag ik hem zelf maken?” “Tuurlijk,” zegt Harde Beer. Kleine Beer begint bij de rand, stukje voor stukje, rustig.
Maar al snel komt Harde Beer erbij zitten. “Nee, niet zo. Zo gaat het veel sneller. Kijk, dít stuk hoort hier. En dat daar.” Zijn grote poten schuiven over tafel, en de puzzel groeit — maar het zijn niet meer Kleine Beers handen die het doen.
“Ik wilde het zelf proberen,” zegt Kleine Beer zacht. “Ja ja, maar zo is het beter. Let op en leer ervan.” Stukje na stukje verdwijnt onder Harde Beers poten. Kleine Beer zit ernaast en kijkt toe naar zíjn puzzel die iemand anders maakt.
“Klaar!” zegt Harde Beer trots. “Mooi gedaan, hè?” Kleine Beer knikt, maar vanbinnen voelt het leeg. Het is een mooie puzzel. Alleen voelt het niet als de zijne.
Bij Huisje Hier vertelt hij het aan Zachte Beer. “De puzzel is af, maar ik heb hem niet echt zelf gemaakt.” “Dat klinkt alsof je iets miste,” zegt ze. “Ik wilde het zélf doen. Ook al duurt het langer.” “Dat snap ik. Zelf proberen is soms belangrijker dan snel klaar zijn.”
Zachte Beer haalt een lege puzzel. “Deze is helemaal van jou. Ik kijk alleen toe, tenzij je hulp vraagt.” En stukje voor stukje, op zijn eigen tempo, maakt Kleine Beer hem af. Trots. Een verhaal over zelf mogen doen, en je eigen plekje vinden.
